Terug naar overzicht
Kennis

IJ-hallen geen gevaar openbare orde: beperkte capaciteit pont ten onrechte meegenomen bij evenementenvergunning

Voor het organiseren van evenementen is een evenementenvergunning op grond van de APV vereist. Zo ook voor een grote, maandelijks terugkerende vlooienmarkt in de IJ-hallen in Amsterdam-Noord. De burgemeester van Amsterdam heeft in 2013 bij een drietal besluiten vergunningen verleend aan de IJ-hallen. Aan de vergunningen is een voorschrift verbonden, op basis waarvan de exploitant van de IJ-hallen verantwoordelijk is voor de inzet van een extra pont in de weekenden dat het evenement plaatsvindt. Dat voorschrift had de burgemeester niet aan de vergunningen mogen verbinden, aldus de Afdeling bestuursrechtspraak in een uitspraak van 7 december jl.

De evenementenvergunning

Op grond van de APV is het verboden om zonder vergunning van de burgemeester een voor publiek toegankelijk evenement te houden. De vergunning kan geweigerd worden als het evenement gevaar oplevert voor de openbare orde, de gezondheid, de veiligheid, de brandveiligheid of het ontstaan van wanordelijkheden. Ter bescherming van deze belangen mag de burgemeester voorschriften verbinden aan een evenementenvergunningen, maar alleen als die voorschriften strekken ter bescherming van de belangen die in het geding komen ten gevolge van het evenement zelf.

De IJ-hallen en de pontveer naar Amsterdam-Noord

Het voorschrift op basis waarvan voor extra pontinzet moet worden gezorgd, is aan de vergunningen verbonden om overbelasting van het pontverkeer te voorkomen. Daarmee dient het volgens de burgemeester ter bescherming van het belang van de openbare orde en veiligheid. De rechtbank oordeelde dat dit voorschrift aan de vergunningen mocht worden verbonden, omdat er een oorzakelijk verband bestond tussen de overbelasting van het pontverkeer en de toestroom van mensen naar de vlooienmarken en dat dit een gevaar oplevert voor de openbare orde en veiligheid.

De Afdeling denkt daar anders over. Van belang voor de uitspraak van de Afdeling is de snelle ontwikkeling van Amsterdam-Noord in de afgelopen jaren. Juist het gemeentebestuur heeft ingezet op deze ontwikkeling. Het is de verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur om te zorgen voor voldoende ontsluitingsmogelijkheden van Amsterdam-Noord. Het gratis pontveer is hierbij van belang.

Vaststaat dat het aantal gebruikers van het pontveer is toegenomen de afgelopen jaren. Oorzaak is de ontwikkeling van Amsterdam-Noord als geheel. De ondercapaciteit van het pontveer is weliswaar vooral aan de orde ten tijde van de vlooienmarkt (het evenement dat de meeste bezoekers aantrekt), maar dat betekent niet dat de ondercapaciteit ook aan de vlooienmarkten kan worden toegerekend. Daarbij acht de Afdeling ook van belang dat de vlooienmarkten structurele evenementen zijn, waarmee het gemeentebestuur rekening dient te houden bij de ontsluiting van Amsterdam-Noord.

De IJ-hallen: géén gevaar voor de openbare orde

De Afdeling komt tot het oordeel dat de overbelasting van het pontveer en het gevaar dat dit kan opleveren voor de openbare orde en veiligheid het gevolg is van de ontwikkeling van Amsterdam-Noord als geheel, inclusief de vlooienmarkten én de omstandigheid dat het gebied onvoldoende werd ontsloten. Het gevaar voor de openbare orde en veiligheid wordt dus niet veroorzaakt door de vlooienmarkten op zichzelf bezien. Het voorschrift kon daarom niet aan de vergunning worden verbonden.

Bron: AbRvS 7 december 2016, nr. 201507871/1/A3

Deel dit artikel via 

Deze publicatie is geschreven door