Terug naar overzicht
Kennis

Toestaan van hogere geluidsbelasting: goede motivering is cruciaal

Voor het organiseren van evenementen binnen een inrichting geldt een ander kader dan voor evenementen in de openbare ruimte. Evenementen die binnen een inrichting georganiseerd worden, moet passen binnen voor de inrichting geldende omgevingsvergunning milieu. Als dat niet het geval is, dan moet deze omgevingsvergunning worden gewijzigd. Walibi loopt hier tegenaan, bij de wens de bestaande vergunning uit te breiden. Tegen deze wijziging is door meerdere partijen beroep ingesteld. De rechtbank Midden-Nederland heeft in dat kader drie uitspraken gedaan op 26 juni jl. Uit deze uitspraken blijkt dat het criterium ‘gevolgen van enige betekenis’ niet alleen omwonenden in de weg kan staan op te komen tegen de verwachte geluidsbelasting van evenementen, maar ook voor naburige gemeenten. Daarnaast volgt uit deze uitspraken dat het overnemen van uitgangspunten uit de Nota luidruchtige evenementen zonder eigen belangenafweging geen stand houdt.

Waar ging de zaak over?

Walibi Holland B.V. (Walibi) exploiteert in Biddinghuizen een attractiepark met een evenemententerrein. Op de inrichting van Walibi worden een aantal keer per jaar meerdaagse en luidruchtige evenementen georganiseerd, onder meer muziekevenement Lowlands en dancefestival Defqon.1. Walibi heeft aan het college van B&W van de gemeente Dronten een omgevingsvergunning gevraagd voor het verruimen van de geluidruimte in een aantal bedrijfssituaties. Het college heeft de omgevingsvergunning bij besluit van 7 juni 2019 verleend. Met de omgevingsvergunning kan het avondprogramma van Lowlands op twee opeenvolgende avonden twee uur langer doorgaan en wordt een extra (derde) festivaldag voor Defqon.1 mogelijk.

Tegen dit besluit komen verschillende partijen op. De naburige colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Elburg, Nunspeet en Oldebroek, vrezen door uitbreiding van de mogelijkheden voor luidruchtige evenementen een toename van geluidhinder binnen hun gemeenten. Een inwoner van Elburg (hierna: eiser), woonachtig op ca. 6 km van de inrichting, stelt dat vooral Defqon.1 hem ernstige hinder geeft, nu de basdreunen op festivaldagen binnenshuis goed te horen zijn. Tot slot komt een vereniging namens de eigenaren van de recreatiewoningen in het bungalowpark "De Boschberg" op tegen de verleende omgevingsvergunning. Het bungalowpark ligt op ongeveer 1 km van de inrichting, en gevreesd wordt dat de geluidhinder door de gewijzigde vergunning aanzienlijk zal toenemen.

Oordeel rechtbankBelanghebbendheid naburige colleges

De rechtbank komt niet toe aan een inhoudelijke bespreking van de gronden van naburige colleges van Elburg, Nunspeet en Oldebroek, nu deze niet als belanghebbenden bij de omgevingsvergunning kunnen worden aangemerkt. Volgens vaste rechtspraak van de Afdeling is degene die rechtstreeks feitelijke gevolgen van een activiteit ondervindt in beginsel belanghebbende bij het besluit waarin die activiteit wordt toegestaan. Om te bepalen of sprake is van rechtstreeks feitelijke gevolgen is van belang of door betrokkenen ‘gevolgen van enige betekenis’ worden ondervonden. Wanneer de gevolgen van de activiteit voor de woon-, leef- of bedrijfssituatie van betrokkene zo gering zijn dat gevolgen van enige betekenis ontbreken, ontbreekt het persoonlijk belang bij het besluit.

Dit criterium moet ook worden toegepast als een college van B&W met het oog op het belang van de ruimtelijke ordening van het eigen grondgebied tegen een besluit opkomt. De rechtbank stelt daartoe eerst (met de meettool op ruimtelijkeplannen.nl) vast wat de kortste afstand is tussen Walibi en de grondgebieden van de drie gemeenten. De kortste afstand tussen de inrichting van Walibi en de grondgebieden van Elburg en Nunspeet bedraagt twee kilometer. Het is daarom aannemelijk dat geluid van de evenementen binnen deze gemeenten waarneembaar is. Voor Oldebroek is dit echter niet zonder meer aannemelijk, omdat de afstand tussen de inrichting en het grondgebied van deze gemeente zes kilometer bedraagt. Vervolgens oordeelt de rechtbank dat ten aanzien van alle drie de gemeenten dat het niet aannemelijk is dat op hun grondgebieden gevolgen van enige betekenis zullen worden ondervonden. Elburg, Nunspeet en Oldebroek hebben volgens de rechtbank niet inzichtelijk gemaakt welke precieze feitelijke gevolgen zij voor de ruimtelijke ordening van hun grondgebieden vrezen te ondervinden. Voor zover het de naburige colleges ging om de vrees dat geluidhinder de goede ruimtelijke ordening van bepaalde functies zou raken, hadden de colleges dit nader moeten concretiseren. Met de algemene vrees voor geluidhinder onderscheiden de colleges zich onvoldoende van anderen en dus is hier volgens de rechter geen sprake van een eigen belang.

Belanghebbendheid eiser

Ook de gevolgen die eiser stelt te ondervinden, zijn volgens de rechtbank niet aan te merken als gevolgen van enige betekenis. Eiser woont op ruim zes kilometer van de inrichting van Walibi. De rechtbank erkent dat geluiden van de evenementen zo nu en dan waarneembaar zijn, hoewel dit afhankelijk is van de windrichting. Dat geluiden op deze grote afstand waarneembaar zijn, betekent echter niet dat automatisch sprake is van gevolgen van enige betekenis. Bij of in de woning van eiser is geen geluidsmeting uitgevoerd. Uit metingen tijdens eerdere edities van Lowlands en Defqon.1 is bovendien gebleken dat het geluid van de evenementen op het meetpunt dat het dichtstbij de woning van de man lag, niet of nauwelijks waarneembaar was. Nu eiser geen geluidsmetingen heeft overgelegd waaruit het tegendeel blijkt, is het aannemelijk dat het geluidsniveau bij eisers woning nog lager zal liggen. Gevolgen voor deze specifieke woon- en leefsituatie zijn daarom dermate gering dat een objectief en persoonlijk belang bij het besluit ontbreekt, zo overweegt de rechtbank.

Inhoudelijk oordeel gronden nabijgelegen bungalowpark

De rechtbank behandelt het beroep van het bungalowpark daarentegen wel inhoudelijk. De rechtbank oordeelt dat het college de verlengde tijd voor het avondprogramma van Lowlands onvoldoende gemotiveerd heeft. Het aanpassen van de normstelling voor de nachtperiode naar 24.00 en 1.00 uur met de motivatie dat dit gebruikelijk en verdedigbaar is, zoals volgt uit de Nota luidruchtige evenementen, is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende onderbouwing voor het standpunt dat ook in dit geval een verschuiving met twee uur op twee achtereenvolgende avonden aanvaardbaar is. De aanvaardbaarheid van geluidhinder is afhankelijk van een bestuurlijke afweging. En een verwijzing naar de Nota luidruchtige evenementen kan een bestuurlijke afweging niet vervangen. Voor een zorgvuldige besluitvorming had het college de belangen van Walibi moeten afwegen tegen de geluidhinder die de omgeving, en in het bijzonder het bungalowpark, ondervindt. Nu deze belangenafweging ontbreekt, is de omgevingsvergunning verleend in strijd met het evenredigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel. De rechtbank biedt met deze tussenuitspraak het college de gelegenheid die bestuurlijke afweging alsnog te maken.

De extra festivaldag voor Defqon.1 vindt de rechtbank overigens wél voldoende gemotiveerd. De revisievergunning staat al maximaal 12 etmalen per jaar een luidruchtig evenement toe. De extra festivaldag wordt afgetrokken van deze 12 dagen, waardoor er dus een dag minder is voor een ander jaarlijks luidruchtig evenement.

Raadpleeg hier de volledige tussenuitspraak (ECLI:NL:RBMNE:2020:2386) van de rechtbank Midden-Nederland van 26 juni 2020 over het beroep van het bungalowpark. De uitspraken over het beroep van de naburige colleges en de Elburgse bewoner zijn hier en hier te vinden (ECLI:NL:RBMNE:2020:2384 en ECLI:NL:RBMNE:2020:2385).

Deel dit artikel via 

Deze publicatie is geschreven door