Nieuws

Nieuw cultuurgebouw op het Spuiplein in Den Haag mag er komen

Vandaag heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan op de beroepen tegen het bestemmingsplan "Wijnhavenkwartier en Spuiplein" van de gemeente Den Haag. De Afdeling heeft het bestemmingsplan grotendeels in stand gelaten. Met de uitspraak kan de transformatie van het gebied tot nieuwe toplocatie in Den Haag worden uitgevoerd.

Cultuurgebouw_Spuiplein

Het bestemmingsplan maakt een nieuw cultuurgebouw op het Spuiplein in Den Haag mogelijk. Dit gebouw wordt het nieuwe onderkomen van het Residentie Orkest, het Nederlands Danstheater en het Koninklijk Conservatorium. Daarnaast regelt het de nieuwe bestemming van de 'oude' gebouwen van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Veiligheid en Justitie. Verder maakt het bestemmingsplan een hotel, horeca, woningen en winkels mogelijk.

De bezwaarmakers verzetten zich, onder meer, tegen de bouwhoogte en het bouwvolume van het nieuwe cultuurgebouw. Ook vinden zij dat de gemeenteraad het oude onderkomen had moeten behouden en renoveren. Verder biedt het bestemmingsplan volgens hen te ruime bouw- en gebruiksmogelijkheden. Bovendien zou de gemeenteraad niet hebben aangetoond dat er een "actuele, regionale behoefte" bestaat aan een nieuw hotel met vergader- en congresfaciliteiten. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft al deze bezwaren ongegrond verklaard.

Het voorschrift in het bestemmingsplan dat evenementen toestaat op het Spuiplein heeft de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigd. De gemeenteraad heeft niet inzichtelijk gemaakt wat de ruimtelijke gevolgen zijn van evenementen op het Spuiplein voor omwonenden. Als de gemeenteraad alsnog evenementen op het Spuiplein wil laten plaatsvinden, moet hij beoordelen of het nodig is om aanvullende voorschriften in het bestemmingsplan op te nemen om het woon- en leefklimaat van omwonenden te beschermen.

De gemeente Den Haag is bijgestaan door Liesbeth Schippers en Roelof Reinders. Lees hier de uitspraak met zaaknummer 201506639/1.